Gevelgroen

Gevelbegroeiing is al eeuwen een normaal beeld in steden. Vroeger stonden de planten op de begane grond in de aarde. Ze groeien vervolgens tegen de muren omhoog en hechten zich daarbij aan de stenen. Daarbij onttrokken ze water en mineralen aan de muur. Dit werkt nog steeds zo bij oude gebouwen waarbij de bakstenen zacht zijn en de stenen werden gemetseld met kalkmortel. Tegenwoordig zijn bakstenen en cement echter harder, waardoor er voor de klimplanten weinig meer te halen valt. Ze groeien minder hoog uit, zelfs als er groeirekken worden gemonteerd om de planten te leiden. Een ander nadeel van traditioneel gevelgroen is dat het sortiment van geschikte planten erg beperkt is. Het eigentijdse gevelgroen kent een breed sortiment toepasbare planten, waarbij het groeimedium (potgrond) in een of andere constructie aan of voor de gevel wordt gemonteerd. Eigenlijk is gevelgroen zo het best te vergelijken met een hanging basket. Het groeimedium moet licht van gewicht zijn en goed draineren (niet teveel water vasthouden). Verder mag het nooit helemaal uitdrogen, voedingsstoffen vasthouden en voldoende houvast geven voor de plantenwortels. Veel substraten hebben niet de gunstige eigenschappen van natuurlijke grond. Ze bevatten nauwelijks mineralen en zijn goeddeels steriel, dat wil zeggen: zonder een rijk bodemleven dat de plant helpt. Het meeste gevelgroen krijgt water en meststoffen via druppelslangen. Deze kunstmest bevat op zijn hoogst 14 mineralen, terwijl planten in de volle grond wel 70 mineralen kunnen opnemen, als ze bemest zijn met organische mest. Lange tijd kunnen ze toe met maar 14 verschillende voedingsstoffen, maar dat maakt ze wel erg kwetsbaar. Daarom zie je regelmatig dat de gevelbeplanting na verloop van tijd aftakelt. Als gevelgroen het wel goed blijft doen op de lange duur komt dat doordat er vanzelf nuttige bacteriën in het substraat zijn gekomen. Maar waarom zou je op het toeval vertrouwen? Veel zekerder is het om meteen bij de aanplant de goede mycorrhiza’s en bacteriën mee te geven.

Ons recept:

  • Meng 0,5 kilo Flower Saver mycorrhiza’s per m3 substraat
  • Meng het substraat met 7 kilo Biovin per m3
  • Doseer maandelijks 1 kg ‘Substrate Life’ per 3000 liter water
  • Doseer in voor- en najaar elke 2 weken 0,75% OPF 5-2-5 met het gietwater
  • Doseer in de zomer elke twee weken 1% OPF 7-2-3 met het gietwater

Als om een of andere reden het substraat te droog is geworden, voeg dan 1% Yuccah toe aan het gietwater.

4 artikel(en)

4 artikel(en)